Zoeken
  • brievenlievens

Opofferingen

In mijn omgeving zie ik heel wat mama’s worstelen met zelfzorg. Om precies te zijn ken ik meer worstelende, dan niet-worstelende mama’s. Het gevecht met de balans tussen zorg voor de kinderen en zorg voor mezelf was ook mij tot twee jaar geleden niet vreemd. Gelukkig heb ik een geweldige huisarts die de weg wees naar een professioneel en hartelijk ondersteuningsnetwerk. Nu zet ik mezelf wel (én vaak) op de eerste plaats. Ik heb geleerd dat mij dat geen slechte moeder maakt. Integendeel, één dag de kinderen wegdoen, maakt van mij de dagen daarna een betere mama.


Wat in mijn leerproces cruciaal was, was leren aanvaarden dat niet alles hetzelfde kon zijn als voor ik mama werd. Ik had heimwee naar onbezorgdheid. Met het moederschap sluipt echter een aantal opofferingen het nieuwe leven binnen. En om elke dag dezelfde onzinnige discussies te vermijden, leg je je bij die opofferingen neer. Zo komt het dat ik ’s morgens handmatig de chocoladekrulletjes uit de zak ontbijtgranen vis om ze dan in het kommetje van de dochter te leggen. Iedere. Bloody. Ochtend. Soms kijk ik hoofdschuddend op mezelf neer en vraag ik me af waarmee ik me bezighoud, maar ja, het kind huilt alsof de wereld vergaat als ze niet genoeg chocolaatjes ziet. Dus: chocolaatjes: check, crisis averted.

Zo is het ook gekomen dat ik iedere dag mijn rechterknieschijf iets meer beschadig als ik mijn stoel dichterbij de tafel schuif. Het aantal keren dat er immers al mini-Wereldoorlogen zijn uitgebroken omdat zowel de zoon als de dochter naast mama wilden zitten, is niet meer te tellen. Nu schuiven beide kinderstoelen mooi onder een lege plek aan tafel en zit mama daartussen. Rond de tafelpoot geplooid.


Bovendien heb ik een zoon die op zijn zesde enkel zélf zijn schoenen kan aandoen als hij iets leuks mag gaan doen. Iedere schoolochtend echter, verandert hij in een dramaqueen omdat hij ‘zijn schoenen écht niet zelf kan aandoen’. Schoenen met plakkers. Dus woedt er dagelijks een innerlijke strijd in moeders hoofd tussen ‘niet toegeven’ en ‘niet alwéér te laat te zijn’. Daarom hebben we nu een consensus. Ik doe hem één schoen aan en hij doet zelf de andere. En in moeders hoofd weerschalt een niet-voor-publicatie-vatbare scheldtirade over dat koppigheidsgen dat zich bij de voortplanting exponentieel vermenigvuldigd lijkt te hebben.


Om nog een laatste voorbeeldje te geven (en dan is het nog niet eens negen uur ’s morgens), word ik aan de schoolpoort telkens gedegradeerd tot muilezel. Ooit – in een ver verleden – probeerde ik hen nog elk hun eigen boekentas te laten dragen. Ik weet niet waar het onderweg fout is gegaan. Ergens tussen de achterdeur van mijn auto en de voordeur van de school ben ik een wandelende kapstok geworden. Ik mag al blij zijn als ik in ruil voor de boekentassen een kus krijg.


Maar dat is allemaal oké. Ik vis chocoladestukjes uit ontbijtgranen, help mijn knie naar de vaantjes, doe één kinderschoen aan en word even muilezel. Anderhalf uur ben ik 200% mama geweest om de rest van de dag lief, leerkracht, vriendin én mezelf te kunnen zijn.

Alleen… geen sprake van dat ik ze om 15.45 uur ga ophalen. Dat belachelijk vroege uur waarop de bel het einde van de schooldag aankondigt, is de grootste aanslag op mijn zelfzorg. Laat die kinderen maar in de opvang terwijl ik in alle rust de krant nog even lees.





29 keer bekeken0 reacties

Recente blogposts

Alles weergeven